Wie was Thomas Witteroos

Het middeleeuwse stadswapen van Schoonhoven
Hij woonde in Schoonhoven
Tussen 1553 en 1572 woonde Thomas Witteroos in Schoonhoven. Hij was gehuwd met Janneken Willemsdochter.
Niet bekend is of uit het huwelijk kinderen geboren zijn.
Hij was (huis)schilder
In Schoonhoven, waar hij bekend stond als Thomas de Schilder, had hij een schildersbedrijf. Veel geld bracht dat echter niet op en om zijn inkomsten aan te vullen besloot hij zich te bekwamen in de landmeetkunde.

Deze kompasroos plaatste Thomas Witteroos vaak op de kaarten, die hij maakte
Hij werd landmeter
In 1568 kreeg hij opdracht van de Gelderse Rekenkamer om geconfiskeerde goederen op te meten en in kaart te brengen. Er was duidelijk behoefte aan een goede landmeter in vaste dienst van Gelre en Zutphen en Thomas Witteroos zocht een vaste betrekking. Waarschijnlijk nog in 1568 verzocht hij de Rekenkamer om hem aan te stellen als landmeter.
Die aanstelling had nog wel wat voeten in de aarde. Thomas Witteroos was niet officieel erkend als landmeter en de Rekenkamer wilde dat hij eerst examen deed bij een erkende landmeter. Tevergeefs zocht hij naar een landmeter, die hem het examen kon afnemen.
Tenslotte nam de Gelderse Rekenkamer genoegen met een verklaring van Hollandse gezagsdragers waaruit bleek dat Thomas Witteroos een bekwaam landmeter was en bovendien een goed katholiek.
Op 4 november 1569 legde hij bij Rekenkamer de eed af en vervolgens zwoer hij bij het Hof van Gelre dat hij de koning, Filips II, trouw zou dienen. Vanaf dat moment mocht hij zich gezworen landmeter noemen.
Don Frederik bezet Zutphen
Het Bloedbad van Zutphen
16 november 1572
Op 10 juni 1572 was Zutphen in handen gevallen van het leger Willem IV van den Bergh, een zwager van Willem van Oranje. De troepen gedroegen zich in Zutphen als een losgeslagen bende en richtten veel vernielingen aan. Vooral kerken en kloosters moesten het ontgelden.
De Hertog van Alva had als landvoogd het gezag over de de Nederlanden. Hij droeg zijn zoon Don Frederik op om de orde te herstellen, Zutphen in te nemen en geweld niet te schuwen.
Op 12 november 1572 werd het beleg van Zutphen door de Spaanse troepen in gang gezet. Met kanonnen werd bij de Nieuwstadspoort een gat in de muur geschoten. Op 16 november 1572 drongen de Spanjaarden de stad binnen.
De wijze waarop de Spanjaarden daarna hebben huis gehouden in Zutphen staat in de geschiedenis bekend als het bloedbad van Zutphen.
Thomas Witteroos wordt naar Zutphen gehaald
Na de bezetting van Zutphen door de Spanjaarden moesten de in beslag genomen gronden in kaart gebracht worden. De opdracht werd door de Gelderse Rekenkamer gegund aan Thomas Witteroos. De aard en de grootte van de landerijen moesten vastgelegd worden en dat gold ook voor de namen van de pachters.
Thomas Witterroos heeft zich nauwgezet van zijn taak gekweten en de resultaten van zijn werkzaamheden vastgelegd in een “Caertenboeck”.
Het Caertenboeck
De verschijning van het Caertenboeck
De negentien kaarten, die Thomas Witteroos tekende van de gekonfiskeerde landerijen van de stad Zutphen, heeft hij vastgelegd in een Caertenboeck, dat in het jaar 1573 het daglicht zag. Bijzonder zijn de illustraties, die hij soms aan zijn kaarten meegaf. Hieronder staan een drietal van die schetsjes.
De Varkensweide

De Varkensweide getekend door Thomas Witteroos
In het Caertenboeck is pagina 11 en een klein stukje van pagina 12 gebruikt voor een plattegrond van de Varkensweide in combinatie met een beschrijving van de percelen. Aan de onderzijde staan de illustraties van twee stadspoorten met daar tussen in een stadsmuur of wal. Voor de wal ligt het water van de Singel. De linker poort is de (Buiten)Laarpoort en de rechter is de (Buiten)Hospitaalpoort.
Vanuit de Laarpoort vertrekt “Deze wech loopt naar Warnsveld”, terwijl bij de Hospitaalpoort gekozen kan worden tussen “De Wint molen Steech” en “Deze wech loopt naar Doesburg”.
Perceel “A” staat beschreven als “Die Varkens Weij”. Het is “Laech Lant” met “Veel Waeters”. Dat moet een moerassig gebied geweest zijn. De percelen “B” en “C” zijn in gebruik als bouwland bij respectievelijk Dirck Schoenmaker en Thomas van Logteren.
Oppervlakten
Elk perceel is niet alleen getekend maar ook ingemeten, zodat de oppervlakte bepaald kon worden. Zo meet de oppervlakte van “Die Varkensweij” 3 morgen en 4 hont, terwijl het bouwland van Dirck Schoenmaker een oppervlakte beslaat van 3 morgen, 1 hont en 32 roede. Thomas van Logteren heeft een bouwland met een oppervlakte van 3 morgen en 4 roede.
Het zijn nog oude oppervlaktematen. Met een morgen wordt een gebied aangeduid dat in één ochtend kon worden geploegd. De grootte is dan ook niet goed aan te geven, omdat die streekgebonden is. Vaak is het iets minder dan 1 hectare. De Rijnlandse morgen (ca. 8516 vierkante meter) bestond uit 6 hont. Een hont bestond uit 100 vierkante roeden, terwijl een roede weer uit 144 vierkante voet bestond.
Hoe is het hem vergaan

Aanzien en produktie
Vanaf het moment van zijn benoeming tot “Gesworen Landmeter des Conincx in Gelderlant” werd uitsluitend nog van zijn diensten gebruik gemaakt, waardoor zijn gezag al snel toenam.
Tussen 1568 en 1575 vervaardigde hij bijna tachtig kaarten, waaronder twee kaartboeken. Van zijn oeuvre zijn 31 kaarten in origineel en twee als 17de-eeuwse kopie bewaard gebleven. Latere landmeters gebruikten regelmatig zijn kaarten als basis voor hun werk.
Zijn laatste opdracht
Begin 1575 verzocht de Rekenkamer hem om in Deventer metingen te verrichten. Hij werd er op gewezen dat de Veluwe geregeld onveilig werd gemaakt door rondtrekkende bendes en dat hij de opdracht niet hoefde aan te nemen. Vermoedelijk deed geldnood hem besluiten om de opdracht aan te nemen en de risico’s die aan de tocht van Arnhem naar Deventer verbonden waren, maar voor lief te nemen.
Op 24 maart 1575 vertrok hij vanuit Arnhem. Korte tijd later werd het reisgezelschap overvallen en Thomas Witteroos werd vermoord. Zijn voerman bracht het dode lichaam terug naar Arnhem.
Thomas Witteroos liet een onbemiddeld gezin berooid achter.














